- Locatie
Microsoft Teams
- Voorzitter
- S. van Alfen
Uitzending
Agendapunten
-
1VOORBESPREKING I - 19:00
-
1.1Opening en mededelingen - 19:00
-
1.2
Inspreker bij agendapunt 1.4: RES 1.0
de heer G. den Hartogh, Milieuwerkgroep Buren -
1.3
Bijlagen
Besluit
Vastgesteld
-
1.4
Eén van de afspraken in het Klimaatakkoord van 2019 is dat de Regionale Energie Regio’s (RES) onderzoeken hoe het best in hun regio duurzame elektriciteit via wind en zon opgewekt kan worden. Op 1 juli 2021 moet elke RES regio het RES 1.0 bod indienen, waarin kansrijke gebieden omschreven worden en ook de hoeveelheid TWh de regio denkt op deze locaties op te kunnen wekken. De 30 RES regio’s is gevraagd samen minimaal 35 TWh op te wekken op land.
Met het door de raad in 2020 vastgestelde concept bod is het streven in de RES 1.0 tot een verdubbeling te komen van de aanwezige opwekcapaciteit van duurzame energie tot 1,2 TWh. In deze RES 1.0 geven we aan hoe we dat gaan doen. De RES 1.0 is dus een eerste stap op weg naar 2030 en 2050: een Rivierenland met duurzame energie. Onderweg kunnen allerlei zaken veranderen en zullen er de nodige innovaties zijn.
Het RES bod zoals hier aangeven sluit aan bij het Burense zon en windbeleid dat zich richt op grootschalige ontwikkelingen lang de A15/Betuwe lijn en ruimte biedt voor een beperkte ontwikkeling van lokale en innovatieve ontwikkelingen zon elders in de gemeente,
Bijlagen
Voorgesteld besluit
1. In te stemmen met het RES 1.0 bod van regio FruitDelta Rivierenland van 1,2 TWh (terawattuur).
2. In te stemmen met indiening van de RES 1.0 van FruitDelta Rivierenland door de Stuurgroep RES FruitDelta Rivierenland bij het bij het Nationaal Programma RES op 1 juli 2021.
3. Kennis te nemen van de vooruitblik richting RES 2.0 (2023) en de samenwerkingsagenda.
4. De lokale invulling RES 1.0 vast te stellen op:
            - 4 windturbines in het zoekgebied A15 Oost.
            - 1 windturbine mogelijk in energiedriehoek “De Betuwe“ (Medel).
            - 20 hectare (ha) grootschalige ontwikkeling van zonne-energie in het zoekgebied A15 Oost.
            - 25 ha voor lokale, innovatieve of drijvende zonne-energie initiatieven.Besluit
Dit voorstel als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 15 juni.
-
1.5
De effecten van klimaatverandering houden niet op bij de gemeentegrenzen, ze zijn gebied overstijgend en daarom werken negen gemeenten, de provincie Gelderland, waterschap Rivierenland en tal van belanghebbenden samen om de regio Rivierenland klimaatbestendig en water robuust te maken. Om dit te bereiken hebben deze partijen samen een Regionale (klimaat) Adaptatie Strategie (RAS) Rivierenland opgesteld. In deze RAS zijn verschillende opgaven geformuleerd en die opgaven zijn vertaald naar negen speerpunten waar we de komende drie jaar (2021-2023) samen mee aan de slag gaan. De negen speerpunten zijn vastgelegd in de Samenwerkingsagenda regio Rivierenland. In de samenwerkingsagenda laten we zien wat de regio de komende drie jaar (2021-2023) op regionaal niveau op het gebied van klimaatbestendigheid gaat
doen. De speerpunten worden na vaststelling verder uitgewerkt in een lokaal Klimaat Adaptatieplan (KAP).Bijlagen
Voorgesteld besluit
De raad voor te stellen:
1. de Regionale Adaptatie Strategie vast te stellen (bijlage 1).
2. De Samenwerkingsagenda “Rivierengebied Klimaatbestendig, samen aan de slag!” vast te stellen (bijlage 2).Besluit
Dit voorstel als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 15 juni.
-
1.6
Op 28 januari 2021 is het zon- en windbeleid in Buren door de gemeenteraad vastgesteld. Hierin wordt de eerste schets gegeven van de inpassing van zonne- en windenergie in Buren. De grootschalige ontwikkelingen zullen in de zoekgebieden plaatsvinden en voor kleinschalige initiatieven zijn er beperkte mogelijkheden in de rest van Buren. In dit voorstel zijn de landschappelijke uitgangspunten van inpassing dan wel toepassing van zonne- en windenergie verder uitgewerkt. Dit kader is dan ook bedoeld als interpretatiekader voor initiatiefnemers en voor de ruimtelijke toetsing door de gemeente. De focus ligt hierbij op de inpassing van zonne-energie en het preciezer bepalen van zoekgebieden voor de ontwikkeling van grootschalig zonne- en windenergie.
Met deze beleidskaders maken wij vooraf aan het vergunningsproces duidelijk waar Buren staat en dat ruimtelijk goed onderbouwde en samenhangende plannen of initiatieven gevraagd worden. Dit ruimtelijke kader vormt samen met het participatiekader het flankerend beleid voor enkele afgewogen ontwikkelingen zonne- en windenergie in Buren.
Bijlagen
Voorgesteld besluit
In te stemmen met de ruimtelijke kaders zonne- en windenergie en daarvoor:
1. De geschetste kaders voor de inpassing van zonnevelden als beeldkwaliteit vast te stellen.
2. Het voorgestelde gebied A15 Oost als zoekgebied vast te stellen en A15 West aan te houden als reservegebied.Besluit
Dit voorstel als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 15 juni.
-
1.7
De raad heeft op 28 januari 2021 het Beleidsplan zonne- en windenergie vastgesteld. Daarbij heeft de raad in een motie vastgesteld dat een ‘routekaart’ voor participatie in initiatieven voor zonne- en windenergie ontwikkeld wordt. Bij het uitwerken heeft dat vorm gekregen in een breder ‘Participatiekader duurzame energie Buren’ met de gevraagde routekaart die u hierbij voorgelegd wordt. Samen met het ruimtelijk kader zonne- en windenergie vormt dit voorstel over participatie het flankerend beleid om initiatieven in het kader van het zonne- en windenergiebeleid goed uit te voeren.
Dit participatiekader maakt duidelijk onder welke voorwaarden en in welke fasen van een project participatie in zonne- en windenergieprojecten in Buren kan plaatsvinden.
Inwoners, ondernemers en organisaties in Buren kunnen daarmee zien wanneer ze kunnen participeren in die projecten. Het participatiekader geeft ook duidelijkheid aan de initiatiefnemer of projectontwikkelaar die duurzame energie wil gaan opwekken. Daarom zijn randvoorwaarden benoemd die aangeven hoe een initiatiefnemer de samenleving in Buren dient te betrekken bij een duurzaam energieproject.Bijlagen
Voorgesteld besluit
1. Het ‘Participatiekader zonne- en windenergie’ vast te stellen met als
uitgangspunten:
1.1 Een initiatiefnemer een participatieplan dient op te stellen volgens voorwaarden die verder gaan dan landelijke gedragscodes voor energie uit zon en wind;
1.2 Tijdens wettelijke inspraakprocedures ‘boven’-wettelijke participatie georganiseerd wordt door de gemeente;
1.3 Lokaal rendement beschikbaar komt met onder andere financiële participatie van inwoners en een omgevingsfonds;
1.4 De gemeente per project tijd en budget reserveert om een goede ondersteunende communicatie te verzorgen, aanvullend op de participatie die de initiatiefnemer organiseert.
2: Het college opdracht te geven de organisatie van een ‘Omgevingsfonds duurzame energie’ voor te bereiden door oprichting van een stichting.Besluit
Dit voorstel wordt behandeld in de voorbespreking van 9 juni 2021.
-
1.8
In het laadpalenbeleid en in het zon- en windbeleid wordt naast ruimte voor grootschalige ontwikkelingen in de zoekgebieden, ook ruimte geboden aan lokale en innovatieve initiatieven. Daarvoor is maximaal 25 ha (+/- 10%) beschikbaar buiten de zoekgebieden. Voor deze initiatieven wordt voorgesteld te beginnen met het bieden van mogelijkheden voor maximaal 25 ha. Na een evaluatie kan besloten worden om aanvullend meer ruimte beschikbaar te stellen. Het is daarom van belang goed te omschrijven wat onder deze lokale en innovatieve initiatieven wordt verstaan.
Bijlagen
Voorgesteld besluit
1: Bijgaande begripsomschrijving van lokale en innovatieve initiatieven vast te stellen (bijlage1).
2: Bij de ruimte die het zon en windbeleid biedt (25ha +/- 10%) ook zon op water initiatieven te betrekken.Besluit
Dit voorstel wordt behandeld in de voorbespreking van 9 juni 2021.
-
1.9
Afvalverwerker ARN heeft naar verwachting vanaf het derde kwartaal 2021 voldoende capaciteit beschikbaar om het incontinentiemateriaal en de babyluiers van de Avri-gemeenten te gaan verwerken. Door het luier- en incontinentiemateriaal apart te gaan inzamelen en verwerken vermindert de hoeveelheid restafval en wordt door hergebruik van het luiermateriaal milieuwinst geboekt. Wij stellen voor om de inzameling van luier- en incontinentiemateriaal te organiseren door centrale brengvoorzieningen te plaatsen. Het gaat hier om het plaatsen van 11 semi-ondergrondse verzamelcontainers met een toegangscontrolesysteem in de gemeente.
De extra kosten van de inzameling worden verrekend via de afvalstoffenheffing. De verwachting is dat de aparte inzameling en verwerking op 1 januari 2022 kan starten, mits de gemeenteraden tijdig een besluit hebben genomen.Bijlagen
Voorgesteld besluit
1. Vanaf 1 januari 2022 te kiezen voor gescheiden inzameling en duurzame verwerking van babyluiers en incontinentiemateriaal.
2. Hierbij te kiezen voor inzameling door centrale brengvoorzieningen, door middel van het plaatsen van 11 semi-ondergrondse verzamelcontainers met een toegangscontrolesysteem in de gemeente.
3. De jaarlijkse kosten voor het inzamelen en verwerken van babyluiers en incontinentiemateriaal geheel te verrekenen via de afvalstoffenheffing, in dit geval een extra
afvalstoffenheffing van ca. € 6,48 euro per huishouden per jaar (prijspeil 2021) met ingangsdatum 1 januari 2022. Het definitieve tarief zal worden vastgesteld via de verordening
afvalstoffenheffing in de AB-vergadering van december 2021.Besluit
Dit voorstel wordt behandeld in de voorbespreking van 9 juni 2021.
-
1.10
Besluit
nvt
De voorzitter sluit de vergadering om 22.32 uur.